Bloembollen voor bijen en hommels: deze tien planten geven de meeste nectar
Tien bloembollen die bijen en hommels in het vroege voorjaar nectar en stuifmeel geven, van sneeuwklokje tot sierui, en hoe je ze plant voor het meeste effect.
Wie in oktober bollen plant, denkt meestal aan kleur in april. Maar de bollen die je nu de grond in stopt, zijn ook het eerste voedsel voor bijen en hommels die in februari en maart uit hun winterrust komen. Op dat moment bloeit er nog bijna niets, en precies daar kun je met een handvol bollen het verschil maken. Groen Vandaag zette deze week tien bolgewassen op een rij die het meeste doen voor insecten, in een stuk dat werd aangeleverd door iBulb, de promotieorganisatie van de bloembollensector. Wij namen die lijst als vertrekpunt en kijken vooral naar wat je ermee doet in een gewone tuin of op een balkon.
Waarom vroege bollen zo belangrijk zijn
Bijen en vliegen worden actief vanaf zo’n 6 tot 7 graden, schrijft Groen Vandaag, en gaan dan direct op zoek naar voedsel voor hun larven. Veel vlinders ontwaken al in februari. Alleen staat er dan weinig in bloei, en wat er is levert niet altijd genoeg nectar en stuifmeel. Vroegbloeiende bolgewassen produceren in verhouding tot andere tuinplanten juist veel van allebei. Dat maakt ze tot een soort noodvoorraad aan het begin van het seizoen.
Het effect reikt verder dan de bij zelf. Minder nectar betekent minder insecten, en dat werkt door naar vogels en kleine zoogdieren die van die insecten leven. Een bol kost weinig ruimte en geen onderhoud, dus van alle dingen die je voor de natuur in je tuin kunt doen, is dit een van de makkelijkste.
De tien bollen, van vroeg tot laat
We hebben de lijst van Groen Vandaag geordend naar het moment dat de bollen het hardst nodig zijn. De beschrijving per plant volgt wat de bron erover meldt.
- Sneeuwklokje (Galanthus), bloeit van december tot april en levert nectar en stuifmeel voor vroeg vliegende wilde bijen, honingbijen en vlinders. Voor een groot deel van de winter is dit de enige tafel die gedekt is.
- Winterakoniet (Eranthis), een van de vroegst bloeiende knolgewasjes. Op de gele, wijd openstaande bloemen komen vooral dikke hommels af.
- Krokus (Crocus), de open bloem maakt nectar en stuifmeel goed bereikbaar voor bijen en vroege vlinders. Op een zonnige dag zie je ze er vaak met meerdere tegelijk in zitten.
- Sneeuwroem (Chionodoxa), bloeit vroeg in het voorjaar en levert zowel stuifmeel als nectar aan verschillende insecten.
- Anemoon (Anemone blanda), bloeit in maart en april met paarsblauwe bloemen en levert vooral stuifmeel aan wilde bijen en honingbijen.
- Blauw druifje (Muscari), geliefd bij hommels, wilde bijen (waaronder zandbijen), honingbijen en vlinders, die het grijze stuifmeel verzamelen.
- Oud wijfje (Ipheion), de stervormige bloemetjes in zachtroze, lila, blauw of wit trekken veel verschillende soorten insecten aan.
- Narcis (Narcissus), vooral interessant voor insecten met een lange tong. De wilde narcis is volgens de bron favoriet bij sluipwespen en sluipvliegen.
- Zomerklokje (Leucojum aestivum), nog vrij onbekend maar populair bij insecten. Doet het goed op vochtige plekken, zoals aan een slootkant of vijverrand.
- Sierui (Allium), door de bolle bloemvorm kunnen meerdere insecten tegelijk foerageren. Een sierui in bloei is vaak een drukte van belang.
Wat opvalt is dat de tulp niet in de lijst staat. Wil je tulpen voor de kleur, prima, maar zet er dan krokussen of druifjes tussen, zodat er ook iets voor de insecten bij zit. Voor het juiste plantmoment van tulpen schreven we eerder dat de grond er na deze zomer nog te warm voor is.
Zo plant je ze voor het meeste effect
Een paar losse bollen verspreid door de border zien er in maart wat verloren uit en zijn voor insecten ook minder makkelijk te vinden. Plant daarom in groepen. Een plek met tien of twintig krokussen bij elkaar valt op, voor jou en voor een hommel die op zoek is naar voedsel.
Combineer soorten die na elkaar bloeien. Begin met sneeuwklokjes en winterakoniet, laat krokus en sneeuwroem volgen, en eindig met druifjes, narcissen en sierui. Zo staat er van de late winter tot in het voorjaar steeds iets in bloei. Welke bollen je nu al kunt planten en welke beter nog even wachten, lees je in ons stuk over bloembollen kiezen.
Geen tuin? Dan werkt een pot op het balkon ook. Zorg voor goede afwatering, met een laag grind of potscherven onderin, want bollen rotten in natte grond. En laat na de bloei het blad rustig afsterven. Daarmee slaat de bol energie op voor het volgende jaar, en dan komen sneeuwklokjes, krokussen en blauwe druifjes vaak jaar na jaar terug.
Wat je nodig hebt
- Bloembollen, bij voorkeur biologisch geteeld
- Een bollenplanter of plantschepje
- Potgrond en grind of potscherven als je in een pot plant
- Een pot met een gat in de bodem
Bollen haal je bij het tuincentrum, de bouwmarkt of een bollenkweker. Biologische bollen zijn gekweekt zonder chemische bestrijdingsmiddelen, en dat is voor de insecten die je ermee wilt helpen geen bijzaak. Hoe je dat aan een plant of bol herkent, staat in ons stuk over gifvrije tuinplanten kopen.
Klein beginnen is genoeg
Je hoeft geen hele border om te spitten. Een pot met druifjes bij de voordeur of een rij krokussen in het gazon is al een begin, en wie het najaar verder bijvriendelijk wil maken, vindt in zeven dingen die bijen en hommels nu helpen wat je beter kunt laten liggen. De bollen doen daarna zelf het werk, ieder voorjaar opnieuw.