Rauwe melk van de boerderij wint terrein: waar zit het risico en wat doe je?
Rauwe melk van het erf wint terrein. Wat er wel en niet in zit, wie er beter vanaf blijft en hoe je er thuis veilig mee omgaat, volgens het Voedingscentrum.
De melktap op het erf heeft iets aantrekkelijks. Je rijdt naar de boer, vult je fles en neemt melk mee die niets heeft meegemaakt behalve de koe en de koeling. Volgens Duurzaam Nieuws wint die rauwe melk aan populariteit, al zijn er geen harde cijfers over hoeveel Nederlanders hem kopen of drinken. Het risico zit in wat je niet ruikt of proeft. Gepasteuriseerde melk blijft de veiligste keuze. Haal je toch melk van het erf, dan wil je weten wat je in de fles hebt en wat je ermee doet.
Wat rauwe melk anders maakt, en wat niet
Rauwe melk is niet verhit. Bij gewone winkelmelk gebeurt dat wel. Die wordt bij pasteurisatie 15 tot 30 seconden op 72 graden gebracht, kort genoeg om de melk melk te laten blijven en heet genoeg om een bacterie als listeria te doden.
Veel mensen kiezen rauwe melk omdat ze verwachten dat er meer in zit. Het Voedingscentrum ziet dat niet terug. Eiwit, calcium en de vitamines B2 en B12 zitten in ongeveer dezelfde hoeveelheid in gepasteuriseerde melk. Lactose ook, dus wie daar slecht tegen kan, heeft volgens het Voedingscentrum geen bewijs aan zijn kant om het met rauwe melk te proberen. Claims over een betere darm of weerstand zijn evenmin bewezen.
Eén punt blijft open. Sommige studies wijzen erop dat boerderijmelk kinderen die op een boerderij opgroeien kan beschermen tegen astma en allergie, maar daar is meer onderzoek voor nodig en de omgeving speelt ook mee. Een kind op de boerderij is iets anders dan een fles van het erf op het aanrecht in de stad.
Wat overblijft is dus vooral een keuze voor smaak, voor de boer om de hoek en voor minder bewerking. Dat zijn prima redenen, zolang je ze niet verwart met een gezondheidswinst.
Waar het risico zit
In rauwe melk kunnen campylobacter, salmonella, listeria en ziekmakende E. coli (STEC) zitten. Aan de geur of smaak merk je dat niet. Het Voedingscentrum noemt de kans op een voedselinfectie veel hoger dan bij gepasteuriseerde melk, en dat geldt ook voor melk van geiten en schapen.
Bij de meeste mensen blijft het bij een paar nare dagen, maar STEC kan verder gaan. Volgens het RIVM krijgt 2 tot 7 procent van de patiënten HUS, een complicatie die de nieren aantast. Kinderen onder de vijf en volwassenen boven de zestig lopen daarop het grootste risico. Het RIVM noemt ongepasteuriseerde melk uitdrukkelijk als een van de besmettingsroutes.
Sinds 1 januari 2025 zijn de regels strenger. Verse rauwe melk mag alleen rechtstreeks bij de boer worden verkocht, de verpakking moet een waarschuwing dragen en de boer moet maandelijks aantonen dat de melk vrij is van salmonella, campylobacter en E. coli. Dat is een serieuze controle, maar het blijft een momentopname van één keer per maand. Het zegt weinig over de fles van vanochtend, en daarom verandert het advies aan kwetsbare groepen er niet door.
Wie beter wegblijft
Het Voedingscentrum raadt rauwe melkproducten af voor jonge kinderen, zwangeren, ouderen en mensen met een verminderde weerstand. Voor hen is gepasteuriseerde melk de aangewezen keuze. Let daarbij ook op biest, de eerste melk na het kalven, en op rauwe room. Die vallen volgens het risicobureau van de NVWA in hetzelfde rijtje.
Dat maakt de vraag praktischer dan hij lijkt. Staat er een fles rauwe melk in de koelkast van een huishouden met een peuter of een zwangere, dan moet iedereen weten welke fles dat is.
Zo ga je er thuis mee om
Wil je rauwe melk blijven halen, dan is de veiligste route ook de simpelste. Neem een koeltas mee, zet de melk thuis meteen in de koelkast en drink hem zo snel mogelijk op. Melkautomaten kunnen het risico volgens het Voedingscentrum vergroten als de bewaring niet goed is, dus let op een schone tap en je eigen schone fles.
Kook de melk daarna voor je hem gebruikt, want dat is het advies van het Voedingscentrum en koken doodt de bacteriën. Daarmee haal je het risico weg en houd je de melk van de boer om de hoek.
Wie verder bewust met rauw voedsel in de keuken omgaat, herkent de redenering misschien uit ons stuk over rauwe kip afspoelen. Ook daar gaat het om bacteriën die je niet ziet en om één eenvoudige handeling die het verschil maakt.
En rauwmelkse kaas?
De meeste kaas in Nederland is van gepasteuriseerde melk gemaakt. Rauwmelkse kaas is een aparte categorie. Het Voedingscentrum waarschuwt vooral voor listeria in bepaalde rijpe kazen zoals camembert, reblochon en brie de Coulommiers van rauwe melk.
In een advies van de NVWA uit mei 2025 staat dat het COKZ STEC vond in 4 procent van de onderzochte rauwmelkse kazen die nog niet volledig gerijpt waren. Het gaat vooral om boerenkaas, bemonsterd rond de twaalfde dag van de rijping en dus voordat de kaas verkocht wordt. Dat percentage geldt dus alleen voor die onderzochte kazen en niet voor de kaas in de toonbank. Lang rijpen is wel geen garantie, want STEC kan volgens de NVWA ook na volledige rijping aanwezig blijven. Voor kwetsbare groepen geldt daarom hetzelfde advies als bij melk. Of een kaas van rauwe melk is, staat op het etiket of weet de kaasboer. In ons stuk over biologische kaas lees je meer over wat een kaas verder over zijn herkomst vertelt.
Vogelgriep: wat speelt er echt?
Rond rauwe melk duikt ook vogelgriep op, omdat H5N1 in maart 2024 voor het eerst bij melkkoeien in Texas en Kansas werd bevestigd. Dat gaat over Amerikaans melkvee. Er zijn volgens Duurzaam Nieuws geen aanwijzingen dat hetzelfde in Nederland speelt, en de Europese voedselautoriteit EFSA acht de kans heel klein dat het virus overslaat op Europese koeien. Mocht het toch gebeuren, dan noemt EFSA rauwe melk, biest en rauwe room als belangrijkste route naar de consument, terwijl verhitting het virus sterk vermindert. Ook dat pleit dus voor dezelfde pan op het fornuis.