Lifestyle

Het ritueel van ritme: hoe oude tradities terugkeren in moderne levens

admin 19 mei 2026 3 min lezen

Er is iets opmerkelijks gaande in de marges van het moderne leven. Mensen zoeken steeds vaker terug naar iets ouds. Zonsopgangen vieren op stranden waar je twintig jaar geleden alleen surfers tegenkwam. Stiltewandelingen door bossen die voor de meeste mensen alleen op zondagmiddag bestonden. En, opvallend genoeg, gezamenlijk trommelen in cirkels op pleinen, in parken en in zalen van wijkcentra.

Wie er voor het eerst voorbij loopt, denkt soms aan een toeristisch tafereel. Maar wie blijft kijken, ziet iets anders. De mensen die daar zitten te trommelen zijn doorgaans niet bezig met een voorstelling. Ze zijn bezig met iets dat ze zelf vaak moeilijk kunnen benoemen, maar waar ze regelmatig voor terugkomen.

De vraag onder de praktijk

Het is geen toeval dat juist nu allerlei oude praktijken terug komen. Ademhalingstechnieken die eeuwenlang in kloosters bleven, zijn nu onderdeel van apps op een gemiddelde smartphone. Vasten, dat decennialang werd gezien als achterhaald, krijgt aandacht onder de noemer intermittent fasten. Sauna’s beleven een opbloei. En percussie zit in dezelfde beweging.

Wat al deze praktijken delen is dat ze het lichaam centraal stellen op een manier die de moderne dag zelden doet. Je werkt niet vanaf een scherm, je hoeft niets te formuleren, je hoeft niets te zijn. Je hoeft alleen aanwezig te zijn in wat er gebeurt. Voor een generatie die het grootste deel van haar leven in haar hoofd doorbrengt, blijkt dat een opluchting.

Trommelen als oudste taal

Wat percussie in dit rijtje een aparte positie geeft is haar leeftijd. Trommels zijn in vrijwel elke cultuur ter wereld onafhankelijk van elkaar ontstaan. West-Afrikaanse djembes, Japanse taikos, Iberische bodhráns, Indiase tabla. De vorm verschilt, het mechanisme niet. Hol object, gespannen vel, hand of stok, en gemeenschap eromheen.

Antropologen vermoeden dat het slaan op een gespannen vel een van de oudste vormen van georganiseerd geluid is dat de mens kent. Het werd gebruikt om nieuws over te brengen, om kinderen in slaap te krijgen, om gemeenschappen te markeren, om rouw vorm te geven en om feest te vieren. Dezelfde handeling, totaal verschillende functies. Wat in al die vormen meegaat, is de cirkel om de trommel heen.

Waarom de cirkel terugkomt

Modern leven is vaak een opstelling van rijen. Banken in een trein, stoelen in een vergaderzaal, schermen op een bureau. Iedereen kijkt dezelfde kant op. De cirkel is daarvan het omgekeerde. Je kijkt elkaar aan en je doet samen iets dat alleen werkt als iedereen meedoet.

Misschien is dat de reden dat trommelcirkels juist nu populariteit winnen onder mensen die er voor hun werk en hun gewoonten weinig mee hebben. Het is geen muzieklicentie, geen prestatie, geen optreden. Het is een gezamenlijke handeling die meteen iets oproept. Aanbieders van Djembe workshops merken dat ze tegenwoordig ook gebeld worden door groepen die er twintig jaar geleden niet aan zouden hebben gedacht. Studievrienden die elkaar al jaren niet hebben gezien. Buurtgenoten die iets willen organiseren dat niet op een terras eindigt. Yogagroepen die hun seizoen anders willen openen.

Iets ouds doen, juist nu

De terugkeer van oude rituelen in moderne levens is geen romantische restauratie. Niemand probeert echt terug te gaan naar vroeger. Wat mensen zoeken is een kant van het bestaan die er altijd was maar ergens onderweg uit het zicht raakte. Even niet productief zijn. Even geen voor of tegen. Even niet alleen.

En dat blijkt vaak het makkelijkst te bereiken via iets dat helemaal niet nieuw is. Een vel, een ritme, een groep eromheen. Een paar minuten waarin het hoofd het overneemt van de armen en de armen het overnemen van het hoofd. Daarna loopt iedereen weer zijn eigen kant op, maar net iets minder los van de rest.